Home Nieuws Archief Kate is transseksueel

Kate is transseksueel

1
Kate is transseksueel

Kate is een eigentijdse vrouw: kort rokje, T-shirt, halflang haar. Niemand ziet dat ze 35 jaar geleden als jongetje werd geboren. Haar leven lang voelde ze zich doodongelukkig met haar eigen lijf; tot ze twee jaar geleden werd geopereerd. “Stel je voor dat je vanmorgen wakker was geworden als jongetje. Iedereen doet tegen je alsof je een jongen bent, maar jij voelt je nog steeds een meisje. Vreselijk toch? Nou, zo heb ik me dertig jaar gevoeld tot mijn operatie twee jaar geleden.

De dag dat ik geopereerd werd, het moment dat ik bijkwam uit de narcose en ik voelde: ja, eindelijk normaal. Dat was echt de mooiste dag uit mijn leven. Eigenlijk wist ik al op mijn tiende dat er ‘iets’ was. Ik was anders dan andere jongetjes. Ik vond ze ook niet leuk, ik speelde niet met ze, ze waren me veel te wild, te ruw. Meisjes vond ik leuker, bij hen voelde ik me ook meer thuis. Ik vond meisjesnamen ook leuker. Toen al vond ik Kate een mooie naam. Ik speelde wel met jongensspeelgoed, met autootjes, maar ik had ook een pop, een Ken. Mijn Moeder had duidelijke ideeën over hoe jongetjes zich moesten gedragen en hoe meisjes dat deden. Ik heb een broer die maar twee jaar jonger is en hij voldeed daar wel aan. Ik niet . Jongetjes huilden niet bijvoorbeeld en hadden stoere kleding. Niet dat ik een jurk aan wilde, of perse roze kleren, maar ik wilde wel vrolijke kleurtjes en dat hoorde volgens mijn moeder niet bij een jongen. Toen ik opgroeide, besefte ik dus wel dat er ‘iets’ met me was. Maar tot mijn zeventiende had ik geen idee wat het was. Ik was behoorlijk eenzaam. Ik had geen vrienden, ook geen vriendinnen. Ik dacht dat ik gek was. Ik zag eruit als een jongen, maar wilde een meisje zijn, dan ben je toch gek? Pas op mijn zeventiende kwam ik er, door een programma op de tv achter wat er met me aan de hand was. Daarin vertelde een meisje, dat transseksueel was, haar verhaal. Ik zat met mijn ouders op de bank en zei niets. Ik moest het eerst zelf verwerken. Ik ben toen wel verder gaan zoeken. Niet lang daarna ging ik scheikunde studeren en in de universiteitsbibliotheek heb je natuurlijk alle mogelijkheden. Een op de acht a tienduizend mensen is transseksueel. Simpel gezegd heeft het maken met een heel klein deeltje midden in de hersenen. Bij mannen ook bij homoseksuele mannen, is dat deeltje groot, bij vrouwen – en ook mannen die transseksueel zijn – is het klein. Op basis van dieronderzoek denkt men dat de maat wordt bepaald door de hormoontoevoer bij de ontwikkeling van de foetus. Heel lang heb ik gedacht dat ik het wel kon hanteren. Ik heb verschillende relaties gehad met vrouwen. Een keer vier jaar, een keer anderhalf en een keer drie jaar. Op een bepaalde manier lukte het ook wel, maar het was heel verwrongen. Ik was een meisje in een jongetjeslichaam. Ik zeg wel eens dat ik een opleiding tot jongetje heb gehad. Ik moest altijd kijken en denken hoe mannen het deden. ‘O, doen ze het zo? Dan moet ik dat ook doen.’ Ik probeerde te voldoen aan een mannenrol, terwijl ik me een meisje voelde. Mijn lichaam wilde wel, dat reageerde bijvoorbeeld op aanrakingen, maar mijn hoofd wilde die mannenrol niet. Het kwam niet van binnen. Het klopte niet, was altijd raar. Achteraf, na mijn ‘trans’, heb ik de meisjes met wie ik een relatie heb gehad een brief geschreven en hoorde ik ook dat dat wel eens opgemerkt werd.” Hulp zoeken ”Intussen was ik natuurlijk niet gelukkig. Ik was altijd gestrest, zat met mezelf in de knoop. Ik had heel lang de illusie dat ik er wel mee om kon gaan. Ik droeg geen meisjeskleren, ik had ook niet de moed die zelf te kopen. Ja, ik heb wel eens iets gejat van een vriendin. Dan was ik iets meer mezelf. Maar het dragen van vrouwenkleding was voor mij ook niet het belangrijkste. Een travestiet zou zich dan helemaal happy voelen, maar dat was ik dus niet. Een travestiet is een man, maar vindt het prettig zich af en toe als vrouw te presenteren. Ik was een vrouw, maar zat in een mannenlichaam. Ook als ik een jurk droeg, klopte mijn lichaam nog steeds niet. Ik heb er wel eens iets oer losgelaten, in vertrouwen iets aan vriendinnen verteld. Dit waren welwillend, boden een luisterend oor, maar ik loste er natuurlijk niets mee op. Niemand kon echt helpen. Toch dat ik heel lang dat ik wel zo door kon gaan. Tot drie jaar geleden. Ik had een relatie met Sue, een Amerikaanse. Ik had haar leren kennen tijdens een vakantie. De ene helft van het jaar woonde ze daar, de andere helft hier. Op een gegeven moment heb ik het haar verteld. Je zegt het niet zomaar, dat gaat stapje voor stapje. Je laat eens iets los en als daar goed op gereageerd wordt, ga je verder. Zij zei: ‘Nu wil ik ook alles weten’. En toen heb ik haar ook alles verteld. Haar eerste reactie was: dan is het uit. Maar direct daarop: we zien wel. Daar moet ik wel bij vertellen dat ze bi was, waardoor het voor haar misschien wat makkelijker was. Ze heeft me enorm gepusht hulp te gaan zoeken, naar een supportgroep te gaan. Als het niet was wat ik zocht, was ik er in ieder geval een keer geweest. Ik ben naar een bijeenkomst gegaan van de landelijke contactgroep travestie en transseksualiteit. Daar waren zowel travestieten als transseksuelen aanwezig. Met de travestieten had ik weinig, maar na uitgebreid met twee transseksuelen te hebben gesproken, wist ik: Dit is waar het om gaat.” Vertellen aan anderen “Toen ik bij die supportgroep was geweest, stond vast dat ik in ieder geval meer hulp moest hebben. Natuurlijk wist ik dat in mijn hart wel, maar ik had het nooit willen toegeven. Nu wist ik dat ik het hele proces wilde doorlopen. De hele verandering van man naar vrouw. Een megastap. Dat betekende ook: het vertellen aan mensen in mijn omgeving. Allereerst aan mijn ouders. Daar zag ik wel tegenop. Die hadden een zoon en zouden nu een dochter krijgen. Het leek me het makkelijkst het bij mij thuis, op eigen terrein, te vertellen. Eerst maar aan mijn vader, mijn ouders waren inmiddels gescheiden, en met hem was het contact het best. Maar die afspraak liep telkens mis en op een gegeven moment zei mijn vader door de telefoon: ‘Vertel het maar, want er is iets aan de hand’. Hij reageerde heel goed. ‘Oké, hier moet ik over nadenken. Maar weet dat je mijn kind bent en dat blijft zo’. Een week later belde hij: hij had alles op een rijtje gezet en zei dat ie het gevoel had dat het wel klopte. Hij zag ook wel in dat ik niet gelukkig was zoals ik leefde en behoorlijk in de knoop zat. Hij is nog een keer naar een bijeenkomst geweest van mensen die in hun omgeving te maken hebben met iemand die transseksueel is. Daar vertelden ze hem dat de klap nog wel zou komen, maar nee, die is er nooit geweest. Hij heeft het in recordtempo geaccepteerd. Met mijn moeder had ik in die tijd weinig contact. Een paar jaar daarvoor had ik een aanvaring gehad met haar. Zij had altijd sterke ideeën over hoe ik moest zijn. Mijn broer heeft het haar verteld. Ik heb gehoord dat ze een afspraak heeft gemaakt met een psycholoog en hem heeft verteld dat ze het gevoel had dat ze haar kind wel erg slecht begrepen had. Ze heeft een aantal gesprekken gehad en me vervolgens een brief geschreven. Het contact werd hersteld en werd beter dan ooit. Ook op mijn werk moest ik het vertellen. Ik werkte aan een onderzoek aan de universiteit en heb een afspraak gemaakt met een van mijn begeleiders. Die was vol begrip en wist zeker dat ‘dit zou gaan lukken’. Hij beloofde dat hij ervoor zou zorgen dat het geen problemen zou geven. Wanneer ik last zou ondervinden, kon ik bij hem aankloppen en zou hij met de mensen praten. Dat is nooit nodig geweest. Ook in mijn vrienden- en kennissenkring werd er goed gereageerd. Eigenlijk heb ik geen vervelende reacties gehad. Het was vaker een reactie als: ‘Hèhè, nu weten we wat er aan de hand is’. Een soort verademing, eindelijk duidelijkheid.” Hormonen via internet “De normale weg voor iemand die transseksueel is en van geslacht wil veranderen, is naar een zogenoemd genderteam te gaan. Zo’n team helpt en begeleidt daarbij. Het bekendste is dat van de VU in Amsterdam en er is er ook nog één in Groningen. Maar ik had al snel door dat dat allemaal te lang zou duren. Het hele traject begint met een intakegesprek, vervolgens zijn er gesprekken met een psycholoog. Wanner het team ‘groen licht’ geeft, volgen bloedtesten en krijg je vrouwelijke hormonen voor de eerste lichamelijke veranderingen en antimannelijke hormonen om de testosteronproductie te onderdrukken. Uiteindelijk zou je in aanmerking komen voor operaties aan je uiterlijk en tenslotte de geslachtsoperatie. Vanwege een wachtlijst moest ik voor het intakegesprek al een paar maanden wachten, voor de gesprekken met de psycholoog zou dat ook weer een halfjaar zijn. Vervolgens zouden er da gesprekken zijn en voor ik aan de hormonen zou kunnen beginnen, was ik een jaar verder. In totaal zou het zeker vier jaar duren. Dat wilde ik niet. Nu i eenmaal zover was, wild eik niet zolang wachten. De VU vindt ook dat je, als je aan de hormonen begint, eerst achttien maanden als vrouw moet leven voor de eerste operaties aan je uiterlijk uitgevoerd worden. Dat stond me ook tegen. Uiterlijk ben je dan echt nog een vrouw, dat zou nare reacties geven. Ik heb mijn eigen weg gekozen. Daardoor heb ik wel heel veel zelf betaald dat normaal door een ziektekostenverzekering wordt vergoed. Maar dat waas het me waard. Ik heb informatie gezocht op internet en zo ben ik ook met lotgenoten in contact gekomen. Zo heb ik ook de hormonen geregeld. Dat klopte natuurlijk niet en het was best een risico. Ik had nu bijvoorbeeld geen bloedtest gehad. Ik ben naar de huisarts gegaan en heb hem uitgelegd waar ik mee bezig was. Hij bood toen aan de hormonen voor te schrijven. Beter dat hij het zelf deed dan dat ik illegaal slikte, vond hij. Hij heeft me toen verder onder controle gehouden.” Strak T-shirt en rokje “Het eerste wat ik merkte, was dat mijn huid zachter werd. De groeven en de poriën werden kleiner, het grove ging weg. Na een paar weken begon ook de borstgroei, dat was heel bijzonder. Mijn hele figuur veranderde; ik kreeg onderhuids vet en billen. Het kon me allemaal niet snel genoeg gaan. De baardgroei verdween er niet door. In een schoonheidssalon, gespecialiseerd in elektrisch epileren, heb ik die laten verwijderen. De utval van mijn hoofdhaar verminderde en de al behoorlijk wijkende haargrens herstelde zich enigszins. Toen kwamen ook de eerste reacties, mensen keken: hier klopt iets niet. In die periode kreeg ik ook mijn eerste oproep van de VU. Daar gen ik toen naartoe gegaan, maar ik was natuurlijk al een aardig eind op weg. Ik had geen begeleiding van de psycholoog van de VU, dat zou te lang duren, maar heb wel zelf een psycholoog gezocht. Mensen vroegen me: ‘Nu ga je je zeker heel vrouwelijk kleden?’ Maar dat ben ik nooit van plan geweest. Ik droeg spijkerbroeken, T-shirts en daarin veranderde aanvankelijk niet zoveel. Je ziet wel eens dat transseksuelen, of eigenlijk zijn het vaker travestieten die dat doen, van die uitgesproken vrouwelijke kleding gaan dragen en ook voor enorme borsten kiezen. Dan maak je bijna een karikatuur van een vrouw, daar houd ik helemaal niet van. Wel wilde ik mijn haar laten groeien. Ik koos ook voor haarimplantaten, omdat mijn haar niet meer helemaal terugkwam. Ik heb me heel langzaam aangepast, ook andere kleding gekozen. Eens een strak T-shirt in plaats van een wijd. En ja, zo kwam ook het moment dat ik een keer in een rokje over straat ging. Dat was doodeng. Onopgemerkt ging die verandering natuurlijk niet. De hele buurt wist wel wat er aan de hand was. Bij de supermarkt bijvoorbeeld wisten ze precies wat er gebeurde. Dat heb ik via via gehoord van iemand die daar werkte. Er werd wel eens raar gekeken. Ik had nogal een grof gezicht, een zware voorhoofdrichel, en natuurlijk ging die niet weg met hormonen. In Antwerpen vond ik een arts die de nodige ervaring had en die me heeft geopereerd. Dat was het belangrijkste naar de buitenwereld toe: ik kon nu als vrouw over straat en er werd niet raar meer naar me gekeken. Een heel enkele keer werd er nog eens naar mijn adamsappel gekeken. Die heb ik anderhalf jaar geleden laten verwijderen. Bijna twee jaar nadat ik mijn beslissing genomen had, was het zover dat ik mijn geslachtsveranderende operatie kreeg. Dat zou in Nederland gebeuren, maar de arts in wie ik heel veel vertrouwen had, ging weg. Ik sprak een andere arts, maar ik had geen vertrouwen in hem door de foto’s en voorbeelden die hij liet zien. Op internet heb ik de halve wereld afgestruind. Uiteindelijk kwam ik bij een arts in Duitsland. Consequentie was wel dat ik het zelf zou moeten betalen. Dat kwam op zo’n kleine vijfduizend euro. Ik heb overlegd met mijn vader en die vond dat ik alleen iets moest doen als ik me er helemaal goed en vertrouwd bij voelde. Dus heb ik het gedaan.” Sauna “Het ziet er heel mooi uit. Eigenlijk zoals iedere vrouw grote en kleine schaamlippen, een clitoris gemaakt van de eikel, dus gevoelig, en een vagina waarvoor de huid van de penis is gebruikt. De operatie gebeurde in twee delen. Na de eerste operatie stonden de schaamlippen wijd uit elkaar, maar na de tweede operatie was ook dat in orde. Ik kan gewoon naar de sauna,, er is niemand die iets opvalt. Op zich zou ik’klaar’ geweest zijn. En aanvankelijk dacht ik ook dat ik het niet hoefde, maar uiteindelijk heb ik toch ook voor een borstvergroting gekozen. Ik bleef steken in een AA-cup en wilde graag iets in proportie, dat bij mijn lichaam paste. Tegelijkertijd met mijn tweede operatie is dat gebeurd. Ik kreeg een B-cup. Overigens heb ik uiteindelijk de kosten van deze operaties van de ziektekostenverzekering vergoed gekregen, omdat er in Nederland een wachtlijst was. De eerste keer als vrouw in bed liggen, was heel bijzonder. Een soort thuis komen, letterlijk. Mijn leven nam zijn loop weer, alles werd normaal. Ook officieel, bij de burgerlijke stand, ben ik nu van het vrouwelijke geslacht. Mijn jongensnaam was Peter, even heb ik erover gedacht in verband met publicaties voor mijn werk een voornaam te kiezen die met een P begon. Maar ik had Kate altijd zo’n mooie naam gevonden, dat het Kate werd. Mijn vriendin had alles meegemaakt, maar onze relatie liep stuk, omdat we al mens toch niet genoeg bij elkaar pasten. Ik heb wel eens iets met een man gehad, om te weten hoe dat zou zijn. Dat was plezierig, maar nee: niet wat ik zocht. Nu heb ik een vriendin. Dat betekende wel dat ik het moest vertellen, vooral ook: wilde vertellen. En als die persoon het niet accepteert, is het uiteraard niet de juist persoon. Spannend is het wel; ik was tenminste heel zenuwachtig. Maar ze nam het goed op.” Alles klopt “Ik heb er nooit spijt van gehad. Dit is wie ik ben. Kinderen zal ik zelf nooit kunnen krijgen, maar voor mijn operatie heb ik wel sperma laten invriezen. Stel dat mijn partner ooit kinderen zou willen van ons samen, dan is dat dus mogelijk. Ze zegge wel eens dat je werkelijke transitie begint na de operaties. Dan klopt alles: je lichaam, je psyche. Ik denk dat ik nu een aardig eind op weg ben. Maar soms voel ik me ook alsof mijn leven pas twee jaar geleden echt begonnen is en ik alles nog moet ontdekken.” Bron: Viva 15 t/m 21 maart 2004

1 REACTIE

  1. Ondanks dat dit al een oud verhaal is wil ik er toch op reageren.
    Zo goed dat zij wel is doorgestapt want ondanks dat ik ongeveer even oud ben heb ik die stap nooit durven nemen. Ik zit dit nu ook met tranen in mijn ogen te lezen en heb spijt, vreselijke spijt dat ik toen niet ben doorgestapt. Elke dag wordt mijn leven zwaarder maar heb inmiddels zoveel op mijn hals gehaald dat nu doorstappen een utopie is.
    Voor de jongere transgenders is het raadzaam om dit verhaal te lezen en te doen waar ze zich goed bij voelen.
    Kon ik de klok maar terug zetten

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here